Text/HTML

Overweging 20 juli 2014, father W. vd Salm

De laatste zondagen hebben  we in de evangelielezingen  gehoord hoe Jezus onderricht gaf aan zijn volgelingen, en hij deed dat via parabels of gelijkenissen uit het gewone leven. Vorige week zondag hoorden we de parabel van de zaaier en het zaad dat op goede grond en op minder goede grond terechtkwam.  Vandaag horen we weer een gelijkenis uit het leven op het platteland: de gelijkenis van tarwe en het onkruid dat samen opgroeit. Er is in onze wereld veel moois en veel goeds, maar we lopen ook steeds weer tegen het kwaad aan. Tussen goed en kwaad heb je allerlei tussenvormen van een beetje goed en een beetje slecht. Belangrijk voor Jezus en voor ons is de vraag: Hoe moet ik erop reageren, hoe moet ik er mee omgaan? De knechten van de meester in het evangelie willen er direct resoluut mee aan de gang: met wortel en al uitroeien, dat onkruid! Dat is diep weg waarschijnlijk ook onze eerste reactie: hard aanpakken; met één klap alle onrecht en onderdrukking, en geweld, de wereld uithelpen; weg ermee.
Voor Jezus werkt het zo niet. Om deze feitelijke situatie te beschrijven gebruikt Jezus het beeld van de tarwe en het onkruid die samen opgroeien op dezelfde akker en hij roept heel nadrukkelijk op tot geduld: wees geduldig met het onkruid in de wereld, of beter nog: wees geduldig met de mensen die zich minder goed gedragen. En laat het uiteindelijke onderscheid tussen goed en kwaad maar over aan God de Vader.
        En we kunnen de vraag stellen: wat is eigenlijk onkruid, wat hoort niet thuis op het akkertje van goede mensen, een vraag waar niet zomaar een duidelijk antwoord op te geven is. Elke mens brengt toch een stukje hemel op aarde ook al zijn er bij die meer of minder scherpe randen hebben.  Dat komt vooral omdat de grens tussen tarwe en onkruid, tussen goed en kwaad, dwars door elke mens loopt en het is een heel vage en grillige grens. Daarom waarschuwt Jezus ook om toch heel voorzichtig te zijn en niet meteen alle onkruid uit te willen trekken want dan beschadig je ook het goede in de mens. Of anders gezegd: ondanks scherpe kantjes is elke mens een stukje van de hemel en daar moet je voorzichtig en respectvol mee omgaan.

Die grens tussen tarwe en onkruid loopt ook dwars door de kerk van Jezus. Er is de bekoring om een kerk te hebben van allemaal goede mensen, die zich precies houden aan de regeltjes: het heilige restant als het ware: de echte katholieken. Maar in haar diepste wezen is  ons geloof geen geloof in dogma’s maar een essentiële band die ons, de gelovigen, bindt met de levende Christus en via hem met de onnoembare God.
      Die kerk is zeker een stukje hemel op aarde en velen ervaren dat ook zo, in het samen geloven, in het samen vieren, in het goede dat samen gedaan wordt. Maar diezelfde kerk heeft ook heel wat scherpe randen waar mensen zich aan bezeren en bezeerd hebben. De kranten hebben er vol van gestaan. Het gevolg is dat velen zich van die kerk afkeren of afgekeerd hebben omdat ze dat instituut te verkrampt vinden, te autoritair, te wereldvreemd.

De vraag die blijft terugkomen is wel:  Moeten we  het kwaad maar lijdzaam accepteren als een realiteit en niets ertegen ondernemen? Moeten we het maar gedogen en voor lief nemen? Onverschilligheid tegenover het kwaad alsof het je koud laat, staat niet in de gelijkenis. Zeker niet! Wel staat er dat het goede niet belemmerd mag worden in zijn groeikracht en dat uiteindelijk het goede het zal winnen van het kwade. God kent het onderscheid wel tussen goed en kwaad want hij kan kijken in het hart van de mens: aan Hem is het uiteindelijke oordeel.

      Maar wie zich gestoten heeft aan de kerk, op welke manier dan ook, heeft  vaak geen oog meer voor de vele goede kanten van de kerk als organisatie en vooral als gemeenschap van gelovige mensen, mensen die met elkaar de weg van Jezus willen gaan en die zo steeds weer een stukje hemel op aarde brengen. Dat is heel jammer. Ook met die kerk en met de mensen in onze kerk moet je veel geduld hebben. Men mag  kritiek hebben op kerkelijke mistoestanden en die kritiek mag ook best uitgesproken worden, maar die kritiek moet altijd respect blijven tonen voor de mensen die het toch goed bedoelen maar nu eenmaal andere ideeën hebben.
          Wat voor de een waardeloos onkruid is, vindt een ander toch de moeite waard. In de kerk vind je mensen die iets belangrijk en onaantastbaar vinden terwijl anderen dat ervaren  als onkruid. Maar zegt Jezus: heb geduld met elkaar, houd altijd respect voor elkaar, blijf elkaar vasthouden en dan zal het goede het uiteindelijk winnen. Dat is ons diep vertrouwen dat God in en met ons  werkt aan die nieuwe wereld en dat het toch ooit goed zal komen.